login »
19 september 2016

Jeugdcriminaliteit vooral veroorzaakt door leefomgeving

Migrantenjongeren plegen vaker een geweldsdelict dan autochtone jongeren. Dat komt vooral doordat ze vaker in achterstandswijken wonen waar problemen samenkomen. Dat blijkt uit een onderzoek van het Kennisplatform Integratie & Samenleving (KIS) in 30 Europese landen.

De oververtegenwoordiging in jeugdcriminaliteit blijkt bovendien voor álle migrantenjongeren te gelden, ongeacht of ze een Duitse, Poolse of Marokkaanse achtergrond hebben.

Op straat hangen

Onderzoeker Majone Steketee kan dat goed verklaren: “Deze jongeren worden veel meer blootgesteld aan risicofactoren, doordat ze vaker opgroeien in grootstedelijke achterstandswijken. Doordat de jongeren vaak in kleine huizen wonen, hangen ze op straat rond, waar ze eerder in contact komen met criminaliteit en drugs. Toch vonden we wel een zekere culturele invloed: migrantenjongeren scoren lager op zelfcontrole en hebben vaker een positievere houding ten opzichte van geweld.”

Vertekend beeld

Het blijkt niet zo te zijn dat vooral Marokkaans-Nederlandse of Turks-Nederlandse jongeren geweldsdelicten plegen. West-Europese jongeren vertonen net zo, en soms zelfs vaker, delinquent gedrag. In het onderzoek ‘scoren’ jongeren van Marokkaanse herkomst zelfs vrij laag. Steketee: “Terwijl ze in politiecijfers juist heel hoog scoren. Dat zal aan de methode van onderzoek liggen, het is immers een zelfrapportage. Maar het kan ook best zijn dat een kleine groep Marokkaans-Nederlandse jongeren veel vaker delicten pleegt. Dat levert een vertekend beeld op.”

Maatwerk door wijkteams

Het onderzoek geeft aanbevelingen voor scholen, ouders, hulpverlening en gemeenten. Steketee: “Het gezin is een belangrijke beschermende factor. Het ontbreekt bij de ouders vaak aan toezicht en controle. Zij kunnen daarom meer ondersteund worden bij de opvoeding. De gemeente moet een algemeen preventief beleid hebben, dat rekening houdt met de diversiteit in achtergrond van migrantenjongeren. Dat betekent dat er maatwerk geleverd moet worden. Wijkteams zijn daar uitermate geschikt voor.”

Kijk naar omstandigheden

Volgens Steketee moet preventief beleid zich richten op terreinen waar jongeren zich bewegen. “Een lage sociaaleconomische status bepaalt in welke buurt ze opgroeien, dat ze op scholen komen waar meer criminaliteit heerst en waardoor ze vaker blijven zitten en spijbelen. Dit zijn belangrijke voorspellers van criminaliteit en daarop moet de aanpak zich richten. Als je bedenkt dat deze jongeren meer blootgesteld staan aan risicofactoren, dan moet je niet eendimensionaal kijken naar iemand die een delict heeft gepleegd, maar naar de omstandigheden waar het is ontstaan."

Links